Vijf vragen
Hoe en waarom bent u schrijfster geworden?

Hier speel ik (op Aruba) samen met kinderen toneel. We spelen de aap en de kip en de vos uit: Van de aap en de kip, leesboekje 7 van Veilig Leren Lezen.
Op
de basisschool vond ik het al heerlijk om voor te lezen aan kleuters. Verder
was ik gek op gymmen en toneelspelen. Op de middelbare school schreef ik in de
schoolkrant, zat ik op de toneelclub, op ballet en gaf ik toneelles aan
brugklassers.
Toen ben ik Nederlands gaan studeren op de universiteit en in die tijd heb ik
meer dan 500 boeken gelezen.
Ik ben zo lang ik me kan herinneren gek op boeken, op lezen en voorlezen. Zo
gek is het dus niet, dat ik ook boeken wilde gaan maken.
Na mijn studie ben ik zelf verhalen, schoolboeken en kinderboeken gaan
schrijven, maar ik heb ook veel ander werk gedaan. Ik heb bij de radio en de
televisie gewerkt en heb lesgegeven aan middelbare scholieren, studenten en
leraren Nederlands. Daarnaast heb ik ook nog een diploma als docente jazzdans.
Vanaf 1997 ben ik fulltime schrijfster, ook al doe ik veel meer dan alleen
schrijven. Ik geef ook voorstellingen op peuterspeelzalen en scholen, lees voor
uit mijn boeken en vertel over mijn werk aan kinderen op scholen, aan
peuterleidsters, studenten, leraren en ouders.
In 2010 verscheen mijn 100e kinderboek: Het grote beroepenboek van Tuk.
Welke kinderboeken vond u vroeger zelf mooi?
Hier zie je mij zelf lezen! Ik (3 jaar oud) kijk samen met mijn beer naar een Gouden Boekje.
Wij hadden thuis veel Gouden Boekjes. Poes Pinkie vond ik erg leuk. Later heb ik alle boeken van Karl May over Old Shatterhand en Winnetou gelezen. Van Enid Blyton las ik alle boeken over De Vijf. Alleen op de wereld vond ik erg mooi en zielig (van Hector Malot) en héél zielig vond ik Rossi, het krantenkind van An Rutgers-van der Loef.
Houdt u van lezen?

Het heeft net geregend, maar nu is het even droog. Ik (16) lig ergens in Frankrijk voor de tent een Suske en Wiske stripboek te lezen.
Jaaa.
Ik lees altijd en overal. Als ik op de wc zit, voor ik ga slapen in bed, na het
avondeten op de bank, aan mijn bureau, aan de eettafel, op vakantie, achter de
computer, op het strand in een klapstoel. Heerlijk!
Ik vraag voor elke verjaardag boekenbonnen en toffees. Nu lees ik graag
detectives. Samen met vier vriendinnen heb ik een leesclub.
Schrijft u eerst op papier of tikt u alles meteen op de computer?
Het meeste doe ik direct op de computer, maar ik gebruik ook kladpapier en soms maak ik aantekeningen in een boekje. Het leuke van schrijven op papier met een pen is, dat je lekker kunt krassen en doorhalen. Ik kan de leukste dingen bedenken, terwijl ik woorden aan het doorstrepen ben.
Dit is een bladzijde uit een rood opschrijfboekje met hard kaft, waar ik graag in schrijf. Het is een tekstje voor het Wilde Beestenboek voor peuters en kleuters.
Hebt u wel eens een prijs gewonnen met een boek?
Ja,
en daar ben ik heel trots op.
Voor Stripwerk, een schoolboek over strips, kreeg ik (samen
met Fred Marschall en Cees Taheij) de Stripschappenning.

Met
het prentenboek Kinderboerderij won ik samen met Mies van Hout in 1995 de Kiekeboekprijs, voor het
leukste peuterboek. Die prijs heet nu
Prentenboek van het jaar.

In 2001 won ik met De Schoolreis de Kinderjury in Vught en Noordwijk.

In 2004 kreeg ik te horen dat het prentenboek Drie haasjes op de wc genomineerd was als Prentenboek van het jaar. Het heeft niet gewonnen, maar was dus wel één van de 10 leukste en beste prentenboeken van dat jaar.

In 2006 werd bekend dat Mijn eerste Van Dale genomineerd was voor de Kinderboekwinkelprijs. Het boek is tweede geworden.

In Amersfoort en Hoogland won Jap is op Joz de Kinderjury bij de AA-boeken, de eerste leesboeken. Dat vond ik echt geweldig. Want die boeken staan nooit hoog op de tiplijsten. Maar deze dus wel. Mooi!

© tekst
Betty Sluyzer